<Eco & Energie>
25-9-2020

E-fuels van belang bij verduurzaming zwaar transport

E-fuels van belang bij verduurzaming zwaar transport

Synthetische methanol, -diesel en -LNG zijn voor wegtransport over lange afstand en de scheepvaart de meest geschikte opties, aldus onderzoek van onder meer VoltaChem, TNO en SmartPort.

ENGINEERINGNET.BE - De transportsector is verantwoordelijk voor 23% van de wereldwijde CO2-uitstoot. Bijna driekwart hiervan komt van het wegtransport en zo'n 10% van de luchtvaart en zeevaart. Deze uitstoot moet voor 2050 met 95% omlaag om de klimaatdoelen te halen.

"Deze sectoren moeten daarom drastisch worden vergroend en e-fuels bieden een uitweg zolang de gehele keten de benodigde stappen zet en de productie en investeringen in de bijbehorende infrastructuur verhogen", stelt Richard Smokers van TNO.

E-fuels zijn synthetische brandstoffen geproduceerd met elektra. In het onderzoek is vanuit gebruikersperspectief gekeken naar de mogelijkheden van groene waterstof, e-methanol, e-diesel, e-ammoniak, e-LNG en e-kerosine.

Deze e-fuels hebben, net als groene waterstof, nauwelijks uitstoot omdat ze worden geproduceerd met elektra uit duurzame bronnen en circulaire koolstofdioxide.

Uit het onderzoek blijkt dat voor vrachtvervoer over de weg groene waterstof alleen bruikbaar is voor kortere en middellange afstanden. Voor zwaar wegtransport over lange afstanden zijn e-fuels beter geschikt, vanwege hun hoge energiedichtheid waardoor kleinere goedkopere tanks nodig zijn.

Ook zal het gebruik van waterstof waarschijnlijk duurder zijn dan synthetische methanol, -diesel en -LNG, vanwege hoge kosten voor tankinfrastructuur en voertuigen.

E-ammoniak wordt op dit moment te gevaarlijk geacht voor wegvervoer. Voor de scheepvaart is waterstof alleen praktisch toepasbaar voor korte afstanden en veerdiensten. Met name voor zeetransport over lange afstanden is e-ammoniak interessant. Synthetische methanol, -diesel en -LNG zijn interessante opties voor zowel binnenvaart als zeevaart.

Voor de luchtvaart blijkt e-kerosine de enige haalbare optie. Alle brandstoffen die significant verschillen van kerosine vallen af, omdat ze vanwege hun lagere energiedichtheid grotere brandstoftanks nodig hebben. Dit levert een te groot verlies aan passagiers- en laadcapaciteit op. Ook zou er geïnvesteerd moeten worden in volledig nieuwe vliegtuig- en motorontwerpen.

Om de inzet van e-fuels zodanig op te schalen zodat de klimaatdoelen gehaald worden, moeten er zowel wereldwijd als op EU-, nationaal en regionaal niveau stappen worden gezet door de gehele keten.

“Zo zouden overheden op termijn, naast biobrandstoffen, het gebruik van e-fuels moeten bevorderen. Dit zou bijvoorbeeld kunnen met beprijzing van CO2-emissies door de hele keten en verplichte bijmenging van duurzame brandstoffen. Daarnaast zouden havens productie en levering van e-fuels expliciet moeten opnemen in hun ruimtelijke planning en in hun internationale import- en export-strategie”, aldus Smokers.

VoltaChem, TNO en SmartPort zijn nu, samen met de partners, bezig met de voorbereiding van een vervolgstudie, CHAIN. Dit is gericht op de internationale dimensie van de transitie naar e-fuels in de periode 2030-2050 en naar de consequenties daarvan voor grote industriële clusters. Met het Rotterdamse havenindustrieel complex als showcase.

Partners zijn verder: Deltalinqs Climate Program, DMT Environmental Technology, Expertise- en InnovatieCentrum Binnenvaart, Enviu, Port of Rotterdam, NLR, Maritiem Kennis Centrum, Port of Amsterdam, VIV. << (Lydia Heida) (foto: sitthinan - 123RF)

Lees meer over:
Eco & Energie

Keuze van de redactie